Laatst vroeg iemand mij: “Wie wil jij zijn als locatiemanager?”
Mijn antwoord verraste misschien wel. Het gaat mij namelijk niet om wie ík wil zijn, maar om wat ik voor een ander kan betekenen. Mijn missie is helder: bouwen aan een thuis waar achter iedere vorm van dementie eerst de mens wordt gezien. Natuurlijk zijn cijfers, kwaliteit en processen belangrijk. Maar voor mij beginnen ze nooit op papier. Ze beginnen bij mensen.
Voelen bewoners zich thuis? Voelen families zich gehoord en gesteund? Gaan medewerkers iedere dag met plezier, vertrouwen en trots naar hun werk, omdat zij écht het verschil kunnen maken? Dát is voor mij de basis.
Want als de mens op de eerste plaats staat, volgen de cijfers vanzelf. Goede kwaliteit, tevreden bewoners, betrokken medewerkers en gezonde resultaten zijn geen doel op zich, maar het natuurlijke gevolg van een cultuur waarin mensen zich gezien, gehoord en gewaardeerd voelen. Daar wil ik iedere dag opnieuw aan bouwen.
Die overtuiging is niet ontstaan tijdens een managementopleiding of door jarenlange ervaring als leidinggevende. Ze is ontstaan door een gebeurtenis die mijn leven voorgoed veranderde. Als mensen mij vragen waarom ik in de ouderenzorg in Friesland werk, begint mijn verhaal dan ook niet bij mijn carrière, maar bij mijn moeder.

Van oorsprong ben ik verpleegkundige, gespecialiseerd in obstetrie en gynaecologie. Jarenlang werkte ik op een afdeling waar ik iedere dag mocht bijdragen aan een goede start voor pasgeboren kinderen en hun ouders. Ik stond letterlijk aan het begin van het leven. Nooit had ik gedacht dat juist mijn moeder mij zou leren wat goede mensgerichte zorg aan het einde van het leven werkelijk betekent.
Toen mijn moeder, Rommy, Alzheimer en vasculaire dementie kreeg, veranderde niet alleen haar leven, maar ook dat van mij. Vanaf dat moment keek ik niet langer alleen met de ogen van een verpleegkundige, maar vooral met de ogen van een dochter. Ik zag hoe iemand die je liefhebt stukje voor stukje afscheid neemt van zichzelf, terwijl zij er lichamelijk nog is. Ik zag wat deze ziekte doet met een partner, met kinderen, met familie en met vrienden.
Maar ik zag ook iets anders. Ik zag hoe de aandacht vaak onbedoeld naar de ziekte ging, terwijl de mens langzaam naar de achtergrond verdween. Er werd gesproken over wat mijn moeder niet meer kon, terwijl ik juist bleef zien wie zij nog altijd was. Mijn moeder was niet haar dementie. Zonder dat zij het wist, is zij mijn grootste leermeester geworden.
Ze was nog steeds de vrouw die altijd voor ons klaarstond. De echtgenote van mijn vader. Onze moeder. Oma. Een vrouw met humor, gewoonten, herinneringen, eigen keuzes en een heel leven achter zich. Juist dat besef veranderde mijn kijk op zorg voorgoed. Ik nam mijzelf één ding voor. Ik wil een stem zijn voor mensen die hun eigen stem steeds meer verliezen.
Maar mijn moeder leerde mij ook dat mensen met dementie geen stem nodig hebben die vóór hen spreekt. Ze hebben mensen nodig die blijven luisteren, ook als woorden langzaam verdwijnen. Niet door vóór hen te spreken, maar door ervoor te zorgen dat zij gezien, gehoord en gerespecteerd blijven.Want achter iedere vorm van dementie zit nog altijd een mens.
- Een mens met een levensverhaal
- Met gevoelens
- Met verdriet
- Met humor
- Met gewoonten
- Met liefde
- Met een eigen identiteit
In 2022 kwam ik in aanraking met Wonen bij September, nu Bloezem. Een plek waar mensen met dementie kleinschalig kunnen wonen. Vanaf het eerste moment voelde het alsof ik thuiskwam. Niet alleen omdat ik er mocht werken, maar omdat ik er een visie ontmoette die naadloos aansloot bij wat ik al die jaren diep van binnen had gevoeld. Een huis waar mensen niet worden gedefinieerd door hun ziekte, maar waar zij gezien worden om wie zij zijn. Dat is nog steeds mijn drijfveer.
Als locatiemanager wil ik bouwen aan een plek waar bewoners zich veilig, gekend en thuis voelen. Waar we niet alleen goede zorg leveren, maar waar we iedere dag opnieuw aandacht hebben voor de mens achter de zorgvraag. Waar een glimlach, een aanraking, een gesprek of gewoon even écht aanwezig zijn net zo belangrijk zijn als de verpleegtechnische handelingen die we uitvoeren.
Voor familie wil ik dat Villa It Riedshûs een plek is waar zij hun dierbare met een gerust hart kunnen toevertrouwen, zonder het gevoel te hebben dat zij moeten loslaten. Een plek waar we samen de zorg dragen. Waar familie voelt dat wij niet alleen voor hun naaste zorgen, maar ook begrijpen wat dementie met hén doet. Dat zij zich gehoord, betrokken en gesteund weten.
Voor mijn team wil ik een leidinggevende zijn die vertrouwen geeft, verbindt en inspireert. Iemand die ruimte geeft om te groeien, waardering uitspreekt en mensen durft aan te spreken wanneer dat nodig is, altijd vanuit respect en met hetzelfde doel voor ogen.
Want warme zorg begint bij een warm team. De manier waarop wij met elkaar omgaan, bepaalt uiteindelijk hoe wij met onze bewoners omgaan. En daarom hoop ik dat mensen Villa It Riedshûs over jaren niet herinneren als een zorglocatie.
- Ik hoop dat zij het herinneren als een thuis
- Een plek waar mensen zich veilig voelden
- Waar familie zich gesteund wist
- Waar medewerkers met plezier werkten
Maar bovenal…
Een plek waar achter iedere vorm van dementie altijd eerst de mens werd gezien. Als mensen zich dát herinneren, dan heb ik bereikt wat ik wil nalaten.
De belofte ‘achter iedere vorm van dementie eerst de mens’
De titel van mijn blog ‘Achter iedere vorm van dementie eerst de mens’ is eigenlijk meer dan een titel, het is eigenlijk een belofte.
- Een belofte aan Rommy, mijn lieve moeder
- Een belofte aan de bewoners van Villa It Riedshûs
- Een belofte aan hun families
- En een belofte aan mijn team
Het is ook meer dan een persoonlijk verhaal, het is mijn kompas geworden. Een kompas dat laat zien waarom ik doe wat ik doe. En waar ik iedere dag opnieuw naartoe wil werken.
Het gaat niet om mij, maar dat je eraan wordt herinnert dat achter iedere diagnose een mens schuilgaat. En als deze blog ook maar één zorgverlener, één familielid of één leidinggevende anders laat kijken naar iemand met dementie, dan heeft Rommy ’s verhaal opnieuw iets moois betekend voor een ander. Daarin zit voor mij de grootste liefhebbende kracht in. ❤️