Wie een verhuizing naar een woonzorglocatie overweegt voor een ouder of dierbare, staat vaak voor een gevoelig besluit. Los van de behoefte aan passende zorg en veiligheid vraagt familie zich ook vaak af: blijft iemand zichzelf? Is er ruimte voor eigen gewoontes en het vertrouwde gevoel van thuis?
In Huize Roosdael in Roosendaal geeft een hartverwarmende review van de zoon van een bewoonster daar op een bijzondere manier antwoord op. Deze mevrouw woonde hier bijna zes jaar en is onlangs overleden. Zijn woorden en de herinneringen van medewerkers die haar in deze jaren hebben verzorgd, laten samen zien hoe wonen bij Huize Roosdael eruit kan zien. Van het eerste welkom tot het laatste afscheid en in alles wat daartussen zit.
Eerst ontbijten en vooral veel voetbal
Mevrouw kwam samen met haar echtgenoot in Huize Roosdael wonen. Kort na de verhuizing overleed hij. Zij bleef in het appartement wonen, omringd door de nabijheid van medewerkers en haar betrokken familie. Haar tweelingzussen kwamen meerdere keren per week op bezoek en ook haar broer was er wekelijks. Haar zoon, die zelf in het buitenland woont, bleef in belangrijke periodes dicht bij haar.
“Een parel onder de bejaardenhuizen”, zo noemt haar zoon Huize Roosdael. Hij beschrijft de “mooie ruime en lumineuze kamers”, de smaakvol ingerichte sociale ruimtes en de logeerkamer als erg waardevol voor familie die van verder weg komt. Maar wat we vooral lezen, is het gevoel dat zijn moeder niet alleen verzorgd werd, maar echt werd gezien.
Medewerkers wisten wat voor haar belangrijk was. Zoals eerst ontbijten, daarna pas wassen. ’s Avonds een wijntje met een zoutje en vooral veel voetbal kijken. Daar genoot ze ontzettend van. Huiskameractiviteiten werden wel aangeboden, maar nooit opgedrongen. En als mevrouw liever de rust van haar eigen appartement opzocht, dan was daar ruimte voor.
De mens achter de zorgvraag
Wanneer iemand in Huize Roosdael komt wonen, leren medewerkers iemand uitgebreid kennen. Wat zijn gewoontes? Waar geniet iemand van? Wat maakt een dag fijn? Familie speelt daarin een belangrijke rol, omdat zij hun dierbare vaak het beste kennen.
Bij deze mevrouw kwam al snel naar voren wie zij was. Vriendelijk, attent en met een brede glimlach. Ze zat regelmatig in de deuropening en groette de mensen om haar heen. Danny, medewerker van Huize Roosdael, herinnert zich hoe hij eens langs haar liep en haar een goede dag wenste. Een reactie bleef uit. Toen hij doorliep, riep ze hem terug: “Kindje, kom eens terug, ik heb je geen goede dag gewenst.” Aandacht hebben voor de ander, zelfs wanneer iemand zelf zorg nodig heeft.
Voor medewerkers zit in dat stuk ook vaak de waarde van hun werk. Dat draait niet alleen om handelingen, deskundigheid of kennis van dementie, maar het zit hem vooral in de ontmoeting met de mens achter de zorgvraag. In leren begrijpen wat iemand prettig vindt, aansluiten bij een ritme. In weten wanneer nabijheid nodig is en wanneer juist niet.
Zorg en familie dichtbij
Bij naasten kan de stap naar een woonzorglocatie veel zorgen oproepen. Doen we er wel goed aan? Is het niet te vroeg? Aan de andere kant kan het ook veel opleveren, voor de bewoner maar ook voor de familie. Er is altijd iemand in de buurt. Medewerkers houden zicht op eten, drinken, verzorging, kleding, veiligheid en welzijn.
De zoon van deze mevrouw beschrijft het zorgteam als “uitermate competent, pro-actief en vooral menselijk en vriendelijk”. Hij schrijft hoe het team zijn moeder “met veel zorg, deskundigheid, vriendelijkheid en welwillendheid” begeleidde. Ook de kennis over dementie noemt hij als een belangrijk pluspunt. Net als de lichamelijke verzorging, waarbij medewerkers rekening hielden met haar eigen zegje over de dag.
Regelmatig kwam haar zoon bij zijn moeder logeren in de gastenkamer van Huize Roosdael. Dat waren waardevolle momenten, ook voor het woonhuis. “Het was dan altijd reuze gezellig, met een borrel en versnapering op tafel”, vertelt Danny. “Er werd veel gelachen en natuurlijk voetbal gekeken.”
Het dagelijks leven in Huize Roosdael bestaat daarnaast uit gewone, vertrouwde dingen. De kok kookt vers, met “lekkere en gezonde maaltijden op het menu”, zoals haar zoon schrijft. Er is koffie, thee of frisdrank en bij een viering iets lekkers. Ook zijn er activiteiten om het sociale contact tussen bewoners te stimuleren, al is het voor niemand verplicht om mee te doen.
Ook oog voor familie in de laatste levensfase
Het contact met de familie was warm en ging als vanzelf. Danny vertelt: “Mevrouw heeft één zoon en nog een broer. Deze mensen waren dagelijks meer dan bereid om aan mevrouw haar wensen te voldoen. Niets was hen teveel, van een hand vasthouden tot een boodschap doen.”
Ook in de laatste levensfase is persoonlijk contact het uitgangspunt. Comfort, rust en nabijheid staan voorop. De familie was nauw betrokken. Zo verbleef de zoon van mevrouw in die periode in de logeerkamer van Huize Roosdael, zodat hij dichtbij kon zijn. Danny verwoordt heel nuchter waar de zorg zich dan op richt: “Praktisch gezegd, doodgaan gaat vanzelf, maar wat kunnen we doen om het voor de bewoner en diens familie zo comfortabel mogelijk te maken.”
Zorgen zit in veel meer dan de dagelijkse controlemomenten en het toedienen van pijn- en slaapmedicatie wanneer dat nodig is. Medewerkers hadden niet alleen aandacht voor haar, maar ook voor wat familie op dat moment nodig had. “Bij elk controlemoment staan ook de behoeftes en vragen van familie centraal”, vertelt Danny. “Een simpele vraag, zoals: ‘heeft u al gegeten?’ doet vaak wonderen.”
Wonen met een wakend oog
De review van haar zoon eindigt met een prachtig eerbetoon waar veel vertrouwen in doorklinkt. Voor hem is Huize Roosdael een plaats waar bewoners hun oude dag “in goede harmonie en autonomie” kunnen leven, “onder het wakend en verzorgend oog van een geweldig team”.
Dat is misschien wel de kern van wonen bij Huize Roosdael. Zorg is dichtbij wanneer dat nodig is en wanneer alleen wonen kwetsbaar wordt is er nabijheid. Maar er blijft ook ruimte voor wie iemand is. Voor familie, voor gewoontes, voor rust, voor iets lekkers, voor voetbal, voor een glimlach en voor elke dag een goededag.