“Geen woorden, maar daden!”, klonk het luidkeels vanuit de slaapkamer van Cor (91). Vlak voor vertrek naar het stadion van zijn zo geliefde voetbalclub zong hij samen met verzorgende Mira het Feyenoordlied. Het leek hem op het lijf geschreven. Cor was Rotterdammer in hart en nieren, Feyenoord zat in zijn bloed. Dat ene zinnetje uit de oer-Rotterdamse meezinger kreeg daarnaast extra betekenis toen zijn gezondheid sneller achteruitging dan verwacht. Uiteindelijk bleken het inderdaad niet de woorden te zijn, maar het snelle handelen van de mensen om hem heen waardoor zijn allerlaatste wens alsnog uitkwam.
Het is vrijdagochtend 3 juli wanneer Mira naast zijn bed in Huize Roosdael staat en aan Cor vraagt of hij nog weet wat ze die dag gaan doen. Hij kijkt haar vragend aan. Even weet hij het niet meer. “We gaan vandaag naar Feyenoord,” zegt ze. Een glimlach van oor tot oor verschijnt. “Dat is waar,” zegt hij, waarop ze samen het clublied inzetten. Niet veel later vertrekt de WensAmbulance richting Rotterdam.
Ondeugende glimlach en altijd in voor een grapje
Cor was een man van weinig woorden, maar aan humor had hij geen tekort. “Altijd in voor een grapje,” vertelt Monique, leefpleziercoach bij Huize Roosdael. “Met zijn ondeugende glimlach wist hij een lach op ieders gezicht te toveren.” Die grappige kant kent Mira ook goed van hem. “Als ik hem vroeg of hij moe was, zei hij altijd: ‘Nee, ik ben pa.’ En vroeg je hoe het met hem ging, dan voelde hij eerst even aan zijn voorhoofd en zei dan dat het goed met hem ging.”
“Cor was erg goed in dammen en speelde altijd fanatiek mee,” vertelt Mira. “Van tijd tot tijd deed hij graag een potje, dan zat hij met zijn hand onder zijn kin in zijn stoel. Het was moeilijk om van hem te winnen,” vult Monique lachend aan. Ook keek hij graag naar sport. Na het avondeten schoof hij regelmatig met medebewoners voor de televisie om een voetbalwedstrijd te kijken. Het liefst met wat plakjes worst, blokjes kaas en een Bacardi-cola binnen handbereik.
Een week eerder, maar precies op tijd
Een tijdje geleden had Monique de bewoners gevraagd wat zij nog graag zouden willen doen. De wens van Cor was helder: nog één keer naar Feyenoord. “Hij vertelde dat hij vroeger regelmatig naar een wedstrijd ging kijken,” zegt Monique. Omdat reizen met een gewone auto geen optie meer was, viel de keuze op de WensAmbulance. Zijn zoon Ruud werd ingelicht, ook hij stond volledig achter het plan en dus werd de aanvraag in gang gezet.
Al snel kreeg Cor’s wens steeds meer vorm. Het programma stond op papier en dankzij het netwerk van Mira viel ook de organisatie op zijn plek. Via haar achterneef Giovanni van Bronckhorst had zij namelijk een wel heel bijzondere ingang bij Feyenoord. Daardoor lukte het zelfs om een bezoek aan het trainingscomplex in de planning op te nemen.
Van het vervoer met de WensAmbulance tot een privérondleiding door De Kuip, alles was geregeld en stond gepland op vrijdag 10 juli. Maar naarmate die datum naderde, ging de gezondheid van Cor hard achteruit. Op donderdag 2 juli vroeg Monique hem daarom of hij nog steeds naar het Feyenoordstadion wilde. “Hij zei volmondig ja,” herinnert Monique zich. “Toen wist ik: ik moet proberen om de wens een week naar voren te halen.”
Nog diezelfde middag belde ze de wenscoördinator van WensAmbulance Brabant en de contactpersoon bij Feyenoord. Kon het, in plaats van over een week, al de volgende dag? Beide partijen zeiden ja. Hoewel niet alle onderdelen van het programma konden worden verplaatst, ging het belangrijkste door. Cor kon naar De Kuip, terug naar zijn Rotterdam. “Wat een mooi en emotioneel moment was dit, dat dit kon,” blikt Monique terug. “Zeker omdat Cor dit nog zo graag wilde.”
Nog één keer naar De Kuip
Het is nog vroeg wanneer de medewerkers Cor op zijn grote dag naar buiten begeleiden en hem uitzwaaien. Mira en zoon Ruud gaan met hem mee. Eenmaal aangekomen bij De Kuip krijgt hij een vip-pas en een bijzondere Feyenoordsjaal, waarvan er maar honderdvijftig zijn gemaakt. Tijdens de privérondleiding hebben ze het hele veld voor zich alleen. “Ik denk dat dit moment de meeste indruk op hem maakte,” vertelt Mira. “Cor keek zijn ogen uit, naar het enorme stadion en alle stoeltjes eromheen. Misschien had hij het stadion vanaf die plek nog nooit gezien, of was het in ieder geval heel lang geleden.”
Daarna rijdt de WensAmbulance naar Hotel New York, waar Cor voorheen vaak kwam toen de SS Rotterdam er nog lag. De ambulance rijdt tot vlak bij het water en schuift de brancard zo ver mogelijk naar buiten. Zo kijken ze naar het water, de taxibootjes en de pannenkoekenboot die voorbijkomen. Geen zuchtje wind, de zon op hun gezicht. Aan het einde van de middag strijken ze neer op het terras van de Ballentent. Als Ruud vraagt wat hij wil drinken bij zijn broodje bal, hoeft Cor niet lang na te denken. “Ja, een biertje natuurlijk”, antwoordt hij. Net als vroeger, toen hij daar vaste klant was.
Een dag om nooit te vergeten
Monique kon die dag niet mee, maar op de foto’s van Mira zag ze hoe Cor had genoten. “Het deed me goed om hem zo te zien”, vertelt ze. “Maar ik zag ook dat hij moe en op was. Daardoor wist ik dat dit echt het juiste moment was geweest.” In de dagen na zijn bezoek aan Rotterdam gaat de gezondheid van Cor snel achteruit. Drie dagen later, op maandag 6 juli, overlijdt hij rustig in het bijzijn van zijn schoondochter Jacqueline.
Terugkijkend is Monique ontzettend blij dat ze het voor elkaar hebben gekregen om de wens nog naar voren te halen, zodat die toch door kon gaan. “Dit zijn de mooie en waardevolle momenten van het werk,” zegt ze. “Om iemand dat nog te kunnen bieden, ook al zit diegene in de laatste levensfase. En dat je met de juiste mensen om je heen alles doet om dat mogelijk te maken.”
Mira denkt vooral terug aan de glimlach van Cor die ochtend en zijn blik op het veld dat hij na al die jaren nog één keer zag. “Het enige wat na zijn overlijden door mijn hoofd ging, was hoe blij ik was dat zijn laatste wens in vervulling was gegaan en dat hij dit zelf nog had mogen beleven,” zegt ze. “Deze hele dag met Cor zal ik nooit meer vergeten. Dit is goud waard.”